Door Larissa Stijlaart
Brandweerlieden Peter Dekker en Nick Hofmans uit Bilthoven reisden deze zomer vrijwillig af naar Catalonië om daar mee te helpen bij het bestrijden van de grote bosbranden. “Voor ons was de drijfveer ook persoonlijke interesse. We konden kennis uitbreiden op het gebied van natuurbrandbestrijding.”
Nederland kijkt terug op de warmste zomer ooit gemeten. Niet alleen hier, maar in heel Europa zuchtte landen onder de hitterecords die zorgden voor grote bosbranden. Veruit de grootste branden vonden plaats in het Spaanse Catalonië.
“Vanuit Europa heb je een soort European Civil Protection Mechanism,” legt Nick uit. “Op het moment dat een land merkt dat het een brand niet meer in zijn eentje aankan, kan het steun vragen bij andere landen. In dit geval vroeg Spanje hulp aan onder andere Nederland, waarna er een grote groep van veertig Nederlanders vanuit Brandweer Nederland de kans kreeg om daarheen te gaan.”
Nick zat in de groep die de eerste twee weken afreisde naar de steile Spaanse bergen. Hij richtte zich vooral op het blussen zelf. Peter ging in de laatste weken en was meer gericht op preventie.
Van jongs af aan bij de brandweer
De brandweer speelde vanaf jongs af aan een grote rol voor beide mannen. “Voor mij is brandweerman zijn met de paplepel ingegoten,” lacht Peter. Zijn vader was commandant bij de brandweer in dezelfde gemeente.
Nick liep al op zijn twaalfde mee bij de jeugdbrandweer. “Als kind vond ik de brandweer al erg leuk. Na de jeugdbrandweer is het op je achttiende vrij normaal dat je daarmee verdergaat bij de reguliere brandweer.”

Zwaar werk
Het vuur brandde al een week non-stop in Spanje toen Nick aankwam. Voordat hij kon beginnen, kreeg hij eerst extra lessen in veiligheid en over hoe het Spaanse systeem in elkaar zit. “Eerst tastten de corpsen daar nog een beetje af. Op een gegeven moment hadden ze wel door: die kunnen wel wat. Daarna zijn we als een rollende trein meegegaan met het helpen bij de grootste branden.”
Die grote branden vonden op allerlei plekken plaats, zoals in de Pyreneeën en in de buurt van Tarragona. Omdat die branden soms zo ver van elkaar verwijderd waren, reden ze van hot naar her in de brandweerwagens met loeiende sirenes. “De eerste twee weken hebben we in totaal ongeveer 4000 kilometer gereden,” vertelt Nick. “En dat toeterend door het drukke verkeer heen.” Ze moesten vervolgens naar hoog in de bergen en gingen daar aan het werk.
Bergen
Het bestrijden van de branden beschrijven beide mannen als mooi, maar ook zeker taai werk. De hellingen waar Nick dit werk deed, hadden een hellingshoek tussen de 24 en 27 procent. Nick bluste branden op bergen van wel 2000 meter hoog met temperaturen tussen de 36 en 47 graden.
Daarbij was het werk erg fysiek. “Meestal denken we bij branden blussen aan water. Dat werd daar ook gedaan, maar ik was vooral op de voet bezig om alle vegetatie daar weg te halen, zoals takjes en struiken. Als dat weg is, kan het daar ook niet branden. Ik werkte voornamelijk met handgereedschap, zoals een soort bijl en schep.”
De brandweerlieden gingen tot diep in de nacht door met blussen. De effectiviteit van het blussen is dan groter vanwege de hogere luchtvochtigheid. “We hebben daar een keer een inzet gehad toen het pikdonker was. Dan sta je daar met een lampje op je helm midden in een natuurgebied. Je hoort om je heen mensen Catalaans spreken en een paar meter onder je mensen met een kettingzaag werken. Dat was erg bijzonder om mee te mogen maken, en eigenlijk ook heel sfeervol en gezellig, zo met zijn allen in het donker,” zegt Peter met een bescheiden lachje.
Helikopters
Een van de dingen die Nick vooral is bijgebleven, zijn de constante helikopters die overvlogen. In Nederland gebeurt dat zo af en toe tijdens het blussen van een brand. In Spanje vliegen ze echter op drie verschillende hoogtes. Daarnaast werken ze in Spanje met zo’n 800 liter water, terwijl er hier in Nederland zo’n 8000 liter water in de zak van een Chinook zit. “Hierdoor zijn de Spaanse helikopters een stuk sneller inzetbaar. Ze vliegen continu laag over je hoofd heen. Als je dan ook ziet wat voor manoeuvres die piloten allemaal kunnen maken met die helikopters. Het voelde de eerste paar dagen alsof ik in een actiefilm zat,” beschrijft Nick.
Systeem houdt alles bij
De mannen hebben naar eigen zeggen veel kunnen leren van hun ervaring in Spanje. Vooral hoe ze daar met de branden omgaan. “Eigenlijk stonden ze in Catalonië 25 jaar geleden waar wij nu staan,” vertelt Nick. “Ze werden daar geconfronteerd met heftige branden met alle gevolgen van dien, iets waar wij in Nederland nu ook meer last van hebben. Daarom besloten ze toen om naar een nieuw systeem te gaan waarin alle data rondom deze branden wordt verzameld.”
Dit systeem houdt van alles bij over de branden die in het verleden hebben gebrand. Zo staat waar al een brand is geweest, wat er gebrand heeft en hoe het weer er die dag uitzag. Die belangrijke punten worden bijgehouden, zodat er bij een toekomstige brand sneller en effectiever gehandeld kan worden. “Dat was voor ons een mooi leermoment. Op deze manier konden we de brand veel slimmer aanpakken, zoals welke kant we als beste als eerst konden aanpakken en waar de risico’s lagen. In Nederland denken we ook wel na over de brand, maar daar beschikken we simpelweg niet over de data en de cijfers. De VRU gaat dit systeem mogelijk ook invoeren,” zegt Peter.
Limburg
De opgedane ervaring in Spanje nemen de brandweerlieden terug naar Nederland. Zo heeft Nick zijn kennis uit Spanje ook toe kunnen passen bij branden in Nederland. “Ik was net terug uit Spanje en een paar dagen later was ik alweer bij de inzet in Limburg. Tuurlijk kon ik niet al mijn kennis toepassen, want je werkt met allerlei mensen die daar niet zijn geweest. Wat ik vooral deed, is een duidelijke scheiding maken tussen het verbrande en het niet-verbrande gebied. Hiermee konden we een lijn maken die niet overschreden werd.”
De brandweermannen zien nu al dat Nederland te maken krijgt met de effecten van klimaatverandering. Vooral gebieden waar bebouwing en natuur dichtbij elkaar zijn, vormen een risico. “Op de Utrechtse Heuvelrug krijg je bijvoorbeeld snel veel overlast van een brand.”
Gereedschapskist
De ervaring wordt op papier gezet, zodat ook andere collega’s bij de VRU hiervan kunnen leren. “We moeten mensen wellicht gaan bijscholen. Wat we doen, dat doen we goed, maar we kunnen altijd leren. We hebben nu ook in ieder geval meer gereedschappen in de gereedschapskist voor het bestrijden van branden in de toekomst,” aldus Peter.

Burgers
Burgerparticipatie is volgens Peter in de toekomst belangrijk. Peter: “Zo zouden mensen een foto kunnen maken van de brand in het gebied, zodat wij beter weten waar exact heen moeten rijden.” Dat zou bijvoorbeeld via een app kunnen, waarbij ook foto’s geüpload kunnen worden bij een 112-melding. “Dan weten we ook met welk soort brand we te maken hebben.”
Nick: “We hebben veel kunnen meenemen qua kennis uit Spanje. Die kennis gaan we in de toekomst alleen maar gaan uitbreiden en hier toepassen. Dat is een mooie uitdaging voor ons.”