Tijdens Pride Month wordt wereldwijd aandacht gevraagd voor de positie van LHBTIQA+-personen. Volgens Laura van Nieuwenhuijze, die de afgelopen zes jaar voorzitter was van COC Midden-Nederland, zijn in Zuidoost-Utrecht stappen gezet op het gebied van acceptatie en inclusie. Tegelijkertijd blijft er volgens haar nog werk aan de winkel.
– door: Isis van der Meulen (SvJ / HU)
“Het gaat goed, met een kanttekening dat het veel beter kan”, zegt Van Nieuwenhuijze. De afgelopen zes jaar zette zij zich als voorzitter van COC Midden-Nederland in voor de zichtbaarheid, veiligheid en acceptatie van LHBTIQA+-personen in de regio. Ze noemt onder meer Zeist en De Bilt als voorbeelden van gemeenten waar de afgelopen jaren meer inzet is getoond voor de regenbooggemeenschap. Daarbij wijst ze onder meer op de groeiende aandacht voor Paarse Vrijdag en de samenwerking met GSA’s (Gender & Sexuality Alliances) op scholen. “Dat contact is belangrijk, we moeten blijven samenwerken met elkaar.”
Afkorting
Historisch gezien was COC oorspronkelijk bewust een neutrale naam en feitelijk een soort schuilnaam. Toen de organisatie in 1946 werd opgericht, was homoseksualiteit maatschappelijk sterk gestigmatiseerd. Om niet direct als homoseksuelenorganisatie herkenbaar te zijn, werd de naam ‘Cultuur- en Ontspanningscentrum’ gebruikt. Daardoor konden activiteiten worden georganiseerd zonder de doelgroep expliciet te benoemen. Later werd COC Nederland de officiële naam van de organisatie en wordt de afkorting meestal niet meer als voluit geschreven naam gebruikt. De organisatie presenteert zich tegenwoordig simpelweg als COC Nederland of een regionale afdeling zoals COC Midden-Nederland.
Toch ziet Van Nieuwenhuijze ook verschillen binnen de regio. Zo vindt zij dat sommige gemeenten meer doen dan andere. “Alleen het hijsen van een regenboogvlag is niet voldoende”, zegt ze. Volgens haar valt of staat veel met bestuurders die zich actief inzetten voor het onderwerp.

Een belangrijk instrument daarbij was het Regenboogstembusakkoord, waarmee politieke partijen zich committeerden aan het verbeteren van de positie van LHBTIQA+-personen. COC Midden-Nederland bezocht hiervoor alle gemeenten in het werkgebied, waaronder ook de gemeenten binnen de regio van Omroep ZOUT.
Minder lokale activiteiten
Hoewel Pride Month traditioneel zorgt voor extra zichtbaarheid, merkt Van Nieuwenhuijze dat er dit jaar minder lokale activiteiten gehouden worden in de gemeenten van Zuidoost-Utrecht dan in voorgaande jaren. Waar eerder bijna overal regenboogvlaggen werden gehesen, bijeenkomsten werden georganiseerd of speciale vieringen plaatsvonden, is het programma dit jaar bescheidener. Ze begrijpt dat gemeenten soms andere prioriteiten moeten stellen, maar roept hen wel op om volgend jaar meer aandacht aan Pride Month te besteden.
Pride blijft volgens haar nog altijd belangrijk. “Zolang er nog landen zijn waar mensen worden vervolgd of zelfs de doodstraf riskeren vanwege wie ze zijn, blijft Pride nodig.” Volgens haar is Pride niet alleen een viering, maar ook een vorm van protest. “We mogen vieren dat we er zijn, maar het is ook belangrijk om te laten zien dat acceptatie en gelijke rechten niet vanzelfsprekend zijn.”
Bestaande netwerken
Voor inwoners van kleinere gemeenten die zich niet gezien of gehoord voelen, heeft zij een duidelijke boodschap. Zoek contact met anderen en maak gebruik van bestaande netwerken en activiteiten. Ook gemeenten hebben volgens haar een verantwoordelijkheid om naar inwoners te luisteren en samen te werken aan een inclusieve samenleving.
Afgelopen week ontving van Nieuwenhuijze, geboren en getogen in Zeist, een koninklijke onderscheiding: zij werd benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Een erkenning voor haar jarenlange en onvermoeibare inzet voor de lhbtiq+-gemeenschap en het vrijwilligerswerk. Voor COC Midden-Nederland betekende Laura jarenlang een drijvende kracht achter zichtbaarheid, inclusie en verbinding. In dit portret spreekt Isis van der Meulen met haar over de mensen die haar inspireerden, de veranderingen die zij hielp realiseren en haar afscheid als voorzitter na jarenlange betrokkenheid bij COC Midden-Nederland.