Marja Vermeulen van Het Geheugen van Zeist (foto: omroepZOUT)

‘Ook na bevrijding nog leed in Zeist’

Met de intocht van Canadese en Britse militairen werd Zeist op 7 mei 1945 officieel verlost van het juk van de Duitse bezetting. Maar kon Zeist wel opgelucht ademhalen? Ook na de bevrijding was er nog verdriet, armoede en onzekerheid.

Volksdansen op het Rond. Muziek in het Walkartpark. Dansen bij Godelloo. Een vlaggenzee in het dorp. Het dagboek van Nancy Radius, die in de Tweede Wereldoorlog aan de Oranje Nassaulaan woonde, maakt duidelijk dat het dorp de bevrijding uitbundig vierde.

“Maar het was lang niet overal feest. Er kwamen veel mensen nooit meer terug naar huis, Nederland lag overhoop, de trams reden niet en er was tekort aan alles. De gaarkeukens in Zeist hebben nog maanden maaltijden verstrekt aan de hongerige bevolking”, vertelt Marja Vermeulen van Het Geheugen van Zeist. Ze heeft er na haar pensionering werk van gemaakt de persoonlijke verhalen van Zeist en omgeving in de oorlogsjaren op te schrijven en te delen. En vraagt daarbij ook aandacht voor de tijd ná de bevrijding.

Nepveulaan
Een schrijnend voorbeeld van dat – soms verborgen – leed is het verdriet van de Nepveulaan. Marja wijst op een foto van twee lachende kinderen in een bolderkar in de laan tijdens het bevrijdingsfeest. De foto is te zien in een expositie in het gemeentehuis.

“Overal waren buurtfeesten na de bevrijding, ook in de Nepveulaan”, licht Marja toe. “De meisjes reden mee met Tommies door de Slotlaan. Maar de Nepveulaan vierde eigenlijk geen feest. Want de vader van deze kleine jongen in de kar, Anne Klaas Terpstra, was er niet bij. Hij ging enkele dagen voor de bevrijding, op 4 mei 1945, op pad om eten te vinden voor zijn gezin. En hij kwam nooit meer terug.”

Ze pauzeert even bij de herinnering aan het leed van de nabestaanden die ze sprak. “Er is naar hem gezocht, maar er is niets gevonden. Geen graf, geen spoor, enkel vermoedens.  Het gerucht gaat dat vader Terpstra in Maarsbergen is omgebracht door een Duitse soldaat op de vlucht. Dit vrolijke kind in zijn bolderkar heeft zijn vader nooit meer terug gezien.”

Het Boschkamp
Ook voor de kinderen in Het Boschkamp was de ellende niet op 7 mei 1945 voorbij. Op de plek aan de Hobbemalaan in Huis ter Heide waar het ministerie van Defensie nu het Walaardt Sacré Kamp heeft, werd op 22 mei 1945 in allerijl een kinderkamp ingericht. “Hier werden kinderen van Nederlanders die waren gearresteerd vanwege collaboratie met de Duitsers ondergebracht”, weet Marja. “Tot ver in 1946 woonden hier kinderen in de leeftijd van 0 tot 16 jaar. Er waren ook baby’s bij. Sommigen waarschijnlijk ook van alleenstaande moeders, die een relatie hadden gehad met Duitse militairen. Het kwam voor dat broertjes en zusjes werden gescheiden. De kinderen wisten niet wat er met hun ouders ging gebeuren. De onzekerheid moet groot zijn geweest.”

Onder de koude douche
De verhalen van de Boschkampkinderen die Marja Vermeulen sprak, geven een verschillend beeld van hoe er met deze kinderen werd omgegaan. “Sommigen gaven aan dat er genoeg te eten was. Anderen vertellen dat ze van de honger het schoteltje van de kat hadden schoongelikt. Toen kreeg de hele barak straf. Er zijn ook verhalen dat kinderen onder de koude douche werden gezet als ze in hun bed hadden geplast.”

Kinderen mochten ook toen niet de dupe worden van de daden van hun ouders, was het officiële beleid. Maar de schaamte was groot, vertelt Marja. “De kinderen van Het Boschkamp hadden groene jassen van de Canadezen gekregen. Een van de meisjes die daar was ondergebracht, vertelde dat ze in de tram gauw die jas uitdeed. Anders zag iedereen: ‘Dat is er een van Het Boschkamp’.”

Apotheek van Zanten
Het persoonlijke leed van de Zeistenaren raakt Marja. Ze heeft in haar werk voor de gemeente en Het Geheugen van Zeist veel mensen gesproken. Maar ook onderzoek naar geschreven bronnen leverde veel informatie op. “In het bijzonder wil ik de dagboeken van apotheker Dirk van Zanten noemen, van de gelijknamige apotheek aan de Slotlaan. Hij kon zo mooi schrijven en dat deed hij trouw, in het dagboek dat hij voor zijn zoon Hans bijhield. Hans was als millitair in Nederlands-Indie gelegerd. In september 1945 hield het dagboek abrupt op. Is dat de dag waarop Dirk van Zanten hoorde dat zijn zoon in 1943 al door een Japanse kogel was omgebracht? Die vraag houdt me tot op de dag van vandaag bezig. Ik hoop nabestaanden te vinden die me meer over het lot van deze familie kunnen vertellen.”

Tentoonstellingen in gemeentehuis
De gemeente heeft Marja, samen met de mede-organisatoren van Het Geheugen van Zeist, op Bevrijdingsdag in het zonnetje gezet voor haar inzet voor de Stolpersteinen in Zeist, Huis ter Heide, Bosch en Duin, Den Dolder en Austerlitz. Er is een fietsroute langs de locaties. Er zijn tot 31 augustus twee gratis exposities over oorlog en bevrijding in de publiekshal van het gemeentehuis.

Om te delen

Gerelateerde artikelen

De Bilt

Het is ’s avonds ontzettend donker op de Bisschopsweg, de weg die van Zeist, via De Bilt naar het Utrecht

Zeist

Zeist wil dat het AZC bij Kamp van Zeist langer openblijft dan de geplande vijf jaar. Het AZC op de

Zeist

Het actiecomité Marktvisie Zeist Nee blijft zich verzetten tegen de huidige plannen voor de herontwikkeling van het centrale plein. Het

Net binnen

Bunnik

Bezoekers van Landgoed Amelisweerd kunnen sinds vrijdag gebruik maken van een natuurtoilet in plaats van bij aandrang een plekje in

De Bilt

Het is ’s avonds ontzettend donker op de Bisschopsweg, de weg die van Zeist, via De Bilt naar het Utrecht

Utrechtse Heuvelrug

Utrechtse Heuvelrug bracht deze week een brochure uit met een beschrijving van haar bestuursstijl, waarin onder meer tijdige inspraak van