“Heel trots.” Met die twee woorden beschrijft wethouder Rob Jorg zijn gevoel bij het horen van de uitkomst van de soortentelling. Zijn gemeente Utrechtse Heuvelrug mag zich een jaar lang ‘Meest biodiverse gemeente van het Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug’ noemen.
“Een prestatie van jewelste”, vond ook Gijs de Kruif, directeur-bestuurder van het Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug (NPUH). Aan de basis van de wedstrijd lag een soortentelling op zoveel mogelijk plekken van de Utrechtse Heuvelrug. De gelijknamige gemeente veroverde op drie punten de koppositie in deze Soorten Challenge. In de telperiode van 17 tot en met 31 mei telden inwoners er maar liefst 1550 verschillende soorten dieren en planten. Het hoogste aantal waarnemers, namelijk 660 tellers, gingen op pad en deden samen 6520 waarnemingen. Negen gemeenten deden mee met de soortentelling. Gemeente De Bilt werd tweede, Amersfoort staat op nummer drie, Zeist op nummer vijf. De complete uitslag staat op waarneming.nl.
De uitslag is maandagavond bekend gemaakt tijdens een natuurcollege in Theater Figi in Zeist. Bij de titel hoort een bokaal. “Deze is gemaakt van hout van de beroemde, 170-jarige rode beuk uit Utrecht”, licht De Kruif toe. De boom was aangetast door schimmel en is vijf jaar geleden geveld. “We hebben moeite moeten doen, maar het is gelukt een schijf van dit hout te bemachtigen voor deze bokaal.”
Groenste van Nederland
Het sculptuur krijgt een mooi plekje in het gemeentehuis in Doorn, belooft Jorg. “Dankzij de 660 mensen die al die waarnemingen hebben doorgegeven, krijgt onze gemeente deze titel. Ik ben er trots op, dat wij zo’n mooie diverse gemeente zijn. Ik sta hier als plaatsvervanger van wethouder Anouk Haaxma. Zij heeft zich hier heel stevig voor ingezet. Zij is nu in de gemeenteraad het groene beleid aan het bespreken. We hopen dat de resultaten toenemen, we willen de groenste gemeente van Nederland zijn.”
Dat de gemeente die woorden ook in daden omzet, bleek ook uit het welkomstwoord van de NPUH-directeur. Geconfronteerd met grote landelijke bezuinigingen op Nationale Parken, sprak De Kruif zijn dank uit voor de steun die de provincie en de gemeente Utrechtse Heuvelrug al hebben toegezegd. “Het ziet er naar uit dat we de natuureducatie en theatercolleges als deze kunnen blijven doen.”
Verzuurde Heuvelrug
Geen overbodige luxe, meer aandacht voor natuureducatie. Want voorafgaand aan de uitreiking werd uit het betoog van René Verburg -universitair docent en onderzoeker bij het Copernicus Instituut- duidelijk hoe slecht de natuur ervoor staat op de Utrechtse Heuvelrug. Met zuurgraadmeters en andere opstellingen onderzoekt zijn onderzoek de bodemsituatie op diverse plekken op de Heuvelrug. “De bodem is als gevolg van stikstofneerslag sterk verzuurd. Zelfs zo erg dat ik bij de resultaten tegen mijn collega zei: ‘Bijzonder dat het bos er nog zo bij staat’.“
Verburg toonde met inzichtelijke proefjes aan dat een boormonster Heuvelrugse bodem zuurder is dan azijn. “Daardoor verandert de bodemfauna. Zo zijn er bijvoorbeeld heel weinig regenwormen in de bodem op de Heuvelrug. Maar die hebben we wel nodig voor een gezonde bodem”, benadrukt hij. “Want leefvormen als wormen en schimmels breken de oude bladeren af tot voedselrijke humus en uiteindelijk tuinaarde. En dat houdt water veel beter vast dan zand. Het bos op de Heuvelrug groeit op zand en heeft nu steeds minder water tot zijn beschikking.”
Gevoeliger voor plagen
De gevolgen? Hij laat de zaal foto’s zien van een perceel dode fijnsparren in Lage Vuursche. “Opgegeten door het kleine kevertje, de letterzetter. En we zien het ook bij bomen. Die worden steeds gevoeliger voor plagen. Kijk maar, deze jonge beuken zijn geïnfecteerd door tondelzwammen.” Ook vogels hebben te lijden. Hun botten zijn soms te zwak door het gebrek aan kalk.” Merels hebben moeite die harde schalen voor hun eieren te maken.”

Hij vraagt om oplossingen uit de zaal. “Calcium strooien met helikopers”, roept iemand. “Meer bomensoorten planten”, zegt een ander. “Vulkanisch steenmeel strooien!” Verburg is onder de indruk: “Die ideeën kan ik allemaal opnemen in mijn advies. Ons team heeft in het bos van Staatsbosbeheer bij Austerlitz een proefopstelling. Daar wordt gekeken wat het effect is als er kalk –om verzuring tegen te gaan– in de bosbodem wordt gebracht. Ook planten we daar inheemse boomsoorten als Hollandse linde en tamme kastanje die goed tegen droogte kunnen”.
Strategisch adviseur bij SoortenNL Sander Turnhout nam het publiek in Figi mee in een fascinerende betoog over het belang van natuuronderzoek en waarnemingen door de jaren heen. Wat heeft het voor zin, dieren tellen? “We hebben kennis over natuurbehoud, maar we doen er nu nauwelijks iets mee. Dat is het belang van soortentellen. Mensen die vogels kijken, worden vogelaars. Als wij andere mensen naar de natuur kunnen laten kijken, gaan zij het ook zien. Dan wordt het makkelijker over te gaan tot gedragsverandering.”