‘In zekere zin werd ik al gek geboren’. Dat is de eerste zin van het boek Gekke Jantje waarin Ameronger Jan van der Winden zijn levensverhaal doet. Samen met lotgenoten ‘kind van Ruinerwold’ Israel van Dorsten en Joel Crosby spreekt hij donderdag 6 november in Allemanswaard in Amerongen. Met hun stichting Vrijhartig willen zij publiek en experts bewust maken van het gevaar van sekten en gesloten gemeenschappen.
Naar schatting zijn er 300 sektes actief in Nederland. Maar: dat kunnen er meer zijn, weet Jan van der Winden. De boerderij in het Drentse Ruinerwold bijvoorbeeld, waar een extreem-religieuze vader zijn kinderen totaal afsloot van de buitenwereld, was niet in beeld en werd dus niet meegeteld bij die schatting. Een van de redenen waarom het drietal ex-leden zich met lezingen, trainingen en expertbegeleiding sterk maakt om bekendheid te geven aan deze misstanden. “Nederland is helaas een ideale plek voor besloten gemeenschappen. De vrijheid van onderwijs en godsdienst is een groot goed, maar kan ook het voertuig van misstanden worden. En omdat daarnaast manipulatie niet strafbaar is: de perfecte dekmantel”, verheldert Jan.

– Je oogt rustig en ontspannen. Een groot contrast met de aspecten die het levensverhaal in zijn boek: manipulatie, geweld, jezelf niet kunnen zijn en voor gek verklaard worden. Wat is jouw ervaring met een sekte?
“Ik ben opgegroeid in een radicale tak van een antroposofische gemeenschap in Driebergen. Mijn stiefvader en moeder waren hooggeplaatst in die kringen. Dat is vaak een kenmerk van een gesloten gemeenschap: leiders hebben veel invloed en volgelingen doen klakkeloos wat ze gezegd wordt. Mijn opvoeding was helemaal volgens de leer van Rudolf Steiner: geen tv, geen computer, geen voetbal, geen cola. Later verzachtte dit iets. Mijn stiefvader kwam zelf uit een strenge gereformeerde kerk. Hij heeft aan die andere kant van de medaille net zo streng geleefd. Niet willen verbinden met andersdenkenden, radicaal, anti-overheid.”
– Wanneer voelde je: dit klopt niet, of: dit wil ik niet?
“Altijd al. Het voelde benauwend en strak, al had ik niet zoveel ander referentiemateriaal. Ik was het vierkantje dat in een rondje moest passen: een drukke jongen die wil voetballen. Die werd lek gestoken: ‘Als je voetbalt, schop je tegen de aarde’. Ik moest een engelachtig vrijeschoolkind zijn. Dat was ik niet, ook best lastig voor mijn ouders. Ik ging me verzetten en kreeg toen op de vrijeschool ook wel klappen. Toen mijn moeders kanker met antroposofische kwakzalverij werd behandeld, werd de situatie onhoudbaar.”
Mijn doodzieke moeder werd behandeld op een wijze waar zelfverklaard genezeres Jomanda haar vingers zou aflikken, eerst met het middel Iscador.
Dat aftreksel van de maretak is verboden vanwege de kans op ernstige bijwerkingen.
(Passage uit het boek Gekke Jantje van Jan van der Winden)

– Je werd uiteindelijk tegen je wil uit huis geplaatst bij de huisarts van de beweging, voorzien van zware anti-psychosemedicatie en zelfs naar een instelling voor verstandelijk gehandicapten in België vervoerd. Nooit getwijfeld aan jezelf?
“Het was heel bedreigend en ik voelde me onveilig. Ik zag het als een strafmaatregel omdat ik me verzette. Ik was 15, en het frame was neergezet dat ik niet helemaal goed was. Als een schoolhoofd – mijn stiefvader – en een huisarts dat zeggen, is er geen ontkomen aan. Anders dan de kinderen van Ruinerwold, zat ik niet fysiek opgesloten. Maar alles gebeurde buiten het zicht van de reguliere wereld. Ik was goed in tafeltennis, dat was mijn enige lijntje met buiten. En ik liep graag bij het politiebureau in Driebergen binnen voor een praatje. Ze wisten niet hoe mijn situatie in dat mooie jaren 30-huis was, maar gaven me de aandacht die ik miste. Die oprechte aandacht heeft mij geïnspireerd en is waarom ik later politieman ben geworden ben.”
– Je liep weg, terug naar Nederland. Uiteindelijk gooide de ramen in bij de huisarts waar je moest wonen en die je slecht behandelde. Een wanhoopsdaad na het overlijden van je moeder. Dat bracht je in contact met de politie en reguliere hulpverleners. Was dat de doorbraak?
“Ja, de therapeut zei: jij hoort hier helemaal niet. Ik ben langzaam mijn stapjes gaan maken in de gewone wereld. Eerst als stadswacht. Bij een sollicitatie bij de politie kreeg ik een heel goed psychologisch rapport. Ik kon het niet geloven: staat mijn naam hier echt boven? Politieman zijn is de mooiste baan ter wereld: inmiddels werk ik bij Staf Korpsleiding.”
Als ik in bad ging, zei ik serieus: ‘Ik ga mij laten omarmen door de liefde van het water’.
In mijn vroegere kring werd dat toegejuicht. Nu werd ik erop aangesproken dat ik normaal moest gaan lullen’.
(Passage uit het boek Gekke Jantje)
– Is jouw traumatische jeugd ook jouw kracht geworden?
“Dat is wel zo. Het is niet: eruit stappen en dóór. Ik was zo blij dat er voor mij ook een goede baan en huisje-boompje-beestje-leven was. Daarom stond ik er niet bij stil om iets met mijn ervaring te gaan doen, ook niet bij de politie. Ik was daar niet klaar voor. Op een gegeven moment was ik vrij van het verleden en voldoende hersteld. Toen vond ik de kracht om ervaringen te delen en de misstanden, ook via de media, te openbaren. Zodra de beweging dat doorkreeg, begon weer de strijd. Een belangrijk element van sektes is dat de dreiging, manipulatie en zwartmakerij van de ex-leden vanuit de gesloten gemeenschap aanhoudt. Dat is bij mij ook gebeurd en ik zie dat ook bij slachtoffers van sekten die nu voor advies bij de praktijk ‘Met nieuwe ogen kijken’ van mijn partner en mij aankloppen.”
– Wat kan de buitenwereld beter doen om signalen te herkennen en slachtoffers te helpen?
“Israel en ik vertellen vaak bij instanties dat verwardheid een signaal is. Mensen die net uit een sekte komen, laten vaak atypisch gedrag zien. Ze zijn angstig, bang en er is schaamte. Het vraagt wel iets van hulpverleners of politie om daar goed mee om te gaan. Daar maken wij ons sterk voor als Vrijhartig. Plak niet te snel een etiket op mensen, maar kijk verder. Daarom heet het initiatief van mijn partner en mij ‘Met nieuwe ogen kijken’. Neem de tijd, luister en stel vragen. Dan wordt helder waar iemand vandaan komt. We adviseren ook instanties in het domein van zorg en veiligheid: je kunt het maar één keer goed doen als iemand dan de moed heeft om binnen te stappen. Slachtoffers kunnen terecht voor hulp en zorg bij Stichting Fier, of bij ons van Met Nieuwe Ogen Kijken.”

-Wat doen jullie op de bijeenkomst in Amerongen op 6 november?
“Wij gaan onze eigen verhalen delen. Ik geef ook een inkijkje in hoe het spel vanuit de gemeenschap is gespeeld, ook hoe ze geprobeerd hebben me van het toneel af te krijgen. Eigenlijk een cadeau, want daarmee schreven ze ongewild de laatste hoofdstukken van mijn boek Gekke Jantje. Met hun acties bewezen ze mijn gelijk. Het is een verhaal over veerkracht, niet over slachtofferschap. Fijn om in Amerongen te kunnen spreken samen met die twee mannen. Ik heb heel veel te danken aan Amerongen: daar is mijn échte leven begonnen. Ik ben diep gegaan, maar mijn geschiedenis heeft me ook veel opgeleverd. Ik kom overal werk samen met Kamerleden, journalisten en instanties. Een vol en mooi bestaan.”
– Wat zou je tegen jezelf als kind willen zeggen?
“Ik zou mezelf gerust stellen, want ik was zo bang en alleen. En die jongen die wordt weggevoerd van zijn doodzieke moeder naar België, zou ik met liefde en zachtheid willen omringen. En zeggen: Jantje, het is een lange weg. Maar het komt goed.”
Wil je met iemand praten over dit onderwerp?
Neem dan contact op met Stichting Fier of Met Nieuwe Ogen Kijken.